Jos Verbist over Semmelweis

Wie speel je?

Ik speel de oversten van Semmelweis, de chefs, en vertegenwoordig op die manier de heersende orde in de geneeskunde. Zo geef ik onder andere gestalte aan dokter Klein, de hoofdarts van het ziekenhuis in Wenen, die net als Semmelweis een wanhopig gevecht voert tegen de kraamkoorts. Alleen wordt hij gehinderd door een blinde vlek. Door een gebrek aan fantasie, waardoor hij een andere kijk niet kan aanvaarden.
Het is een koppig man. Semmelweis schoffeert de artsengilde – onze huidige Orde der Artsen– en Klein houdt net halsstarrig vast aan dat gezag. Al wat ook maar een beetje naar rebellie rook, werd in die tijd sowieso de kop ingedrukt.

Maar we willen het verhaal zo genuanceerd mogelijk laten zien, dus Klein heeft zeker menselijke kanten. Het is een man die gepassioneerd is door zijn vak, en hij denkt van zichzelf dat hij een pionier is. Hij heeft de beste bedoelingen en wil de geneeskunde vooruit helpen. Maar hij beseft niet dat de maatregelen die hij daarvoor neemt het sterftecijfer net de hoogte injagen.

Hoe herken je jezelf in je rol?

Totaal niet, maar ik vind het net goed om iemand te spelen die ver van mij af staat. Een personage dat aanleunt bij je eigen persoonlijkheid, is misschien gemakkelijker om te spelen, maar dat maakt het voor mij minder interessant. Bovendien vind ik het individuele ondergeschikt aan het totaalbeeld van zo’n voorstelling. Wat het stuk wil vertellen, dat is wat telt.
Het fijne aan het thema is dat het zo universeel en tijdloos is. Ook vandaag beweegt er vanalles in de geneeskunde. Ik denk dat je ervan zou opkijken hoe weinig de situatie is veranderd. Zonder een pleidooi te willen houden: mensen gaan steeds vaker op zoek naar alternatieve manieren om te genezen. De farmaceutische industrie is de laatste jaren heel hard bezig om bewijzen te zoeken dat alternatieve geneeskunde niet werkt, maar is dat wel zo?

Over de positie van de vrouw in ons stuk en dus in Semmelweis’ tijd valt veel te zeggen, maar tegelijk vind ik het moeilijk om daarover te oordelen. Wanneer is de eerste vrouwelijke arts er gekomen? Dat moet in die periode geweest zijn. Het is een andere tijdsgeest. Je kan nu wel vinden dat Klein op een absurde manier handelt, maar dat is natuurlijk achteraf. Hoe zou je gereageerd hebben als je in die tijdsgeest was opgegroeid, wanneer je wordt opgevoed met het idee dat bijvoorbeeld je zusje al minder waard is dan jij? Dat kan je niet weten. Ik durf er in alle geval mijn hand niet voor in het vuur te steken.