Bruno Vanden Broecke over Semmelweis

Wie speel je?

Semmelweis. Een man die merkt dat er in zijn afdeling van het ziekenhuis veel meer kraamsterfte is dan in een andere afdeling enkele meters verder. Hij zit in de shit en zoekt naar een puur logische methode om dat probleem op te lossen. Hij doet allerlei experimenten en vermoedt uiteindelijk dat het komt door resten van lijkschouwingen die aan de handen van chirurgen blijven hangen. Kadaverdeeltjes, noemt hij dat. Dat vind ik zo’n vies woord.

Semmelweis is een heel interessant personage. Hij is geen cijfermonster, vind ik, maar iemand die bijna genadeloos alles wil weten. Alleen doet hij dat op zo’n lompe en misplaatste manier dat hij continu tegen muren botst. Niemand wil naar hem luisteren, en daardoor wordt hij obsessief. Eigenlijk is het stuk een studie van hoe iets kan ontsporen. Hoe iets van geduld kan verglijden in onbegrip, ergernis, en – uiteindelijk - woede.
Zo iemand is natuurlijk het allerleukste om te spelen. Semmelweis is dé tragische figuur bij uitstek. Een roepende in de woestijn.

Hoe herken je jezelf in je rol?

Helemaal niet. Ik kan me niet voorstellen hoe het moet zijn om zo misbegrepen te worden. Maar dat vind ik ook niet zo belangrijk. Ik ben eigenlijk het tegenovergestelde van een method actor, die zich heel hard ingraaft in en vereenzelvigt met een personage. Wanneer ik de zinnen van een tekst goed kan zeggen, dan zit tachtig percent van mijn werk erop, vind ik. De woorden op een mooie manier gezegd krijgen, dat is het belangrijkste.
En toch. Ik neem niet elke rol aan natuurlijk. Er zijn zaken die mij aantrekken in de figuur van Semmelweis, omdat er in elke tijd wel mensen zoals hij leven. Mensen die dingen zien die niemand wil geloven. Ik hoop bijvoorbeeld dat we binnen enkele jaren over fijn stof zullen zeggen “hoe kan het dat mensen niet met elektrische auto’s rondreden?” Zoals ondertussen al met roken is gebeurd. Zoiets kan plots heel snel gaan.

Maar uiteindelijk zeg ik vooral ja op een rol op basis van de mensen die aan het stuk meewerken. Ik ken Jos en Raven ondertussen al heel lang en los van wat er nu verder nog gebeurt, is dit stuk voor mij daardoor al geslaagd. De reis is minstens even tof als de aankomst, toch?